BgMax

Column 24 MuseimHW

Van Keizersdijk tot RoPaRun                        door Rob van Brakel  4-6-2021   

 

Door Covid-19 is het er helaas niet van gekomen, maar op Tweede Pinksterdag loopt de weg van Parijs naar Rotterdam normaal gesproken altijd door de Hoeksche Waard. In vroeger eeuwen was dat het hele jaar zo en speelde ons eiland in belangrijke rol in de internationale verbindingen.

 

Na de Sint-Elizabeth vloed in 1421 was een groot deel van wat later de Hoeksche Waard zou worden, onbegaanbaar terrein. In het westen waren kwelders en slikken, heel beperkt via het water bereikbaar. Vervoer over land ging moeizaam. In de jaren daarna werd het oostelijk deel van ons eiland weer opgenomen in het landelijke wegennet, getuige de naam Keizersdijk. Deze dijk is de oude verbindingsweg tussen Maasdam en Strijen. Naar welke keizer de dijk genoemd is, blijft onduidelijk: sommigen houden het op Karel de Grote, anderen op Karel V.

 

5 2021 Column paaltje Napoleon routeIn de 17e eeuw werden de betrekkingen met Frankrijk belangrijk. Er werd halverwege de eeuw een reguliere postdienst opgericht tussen Den Haag en Parijs. Ten eerste omdat de Republiek een belangrijke macht was geworden. Ten tweede omdat de bureaucratie was toegenomen, waardoor men allerlei transacties schriftelijk moest vastleggen. De koeriers reisden aanvankelijk over Dordrecht, maar in 1650 werd voor een andere route gekozen. Vanaf Rotterdam reisde men naar Heerjansdam. Via Kuipersveer naar Strijensas, en naar Zevenbergen. En vandaar naar Parijs.

Omdat deze postroute de snelste verbinding was, reisde iedereen die haast had via deze weg. Zo ook de Friese stadhouder Johan Willem Friso, die in 1711 werd weg geroepen van zijn legeronderdeel en snel naar Den Haag moest voor een erfeniskwestie. Wat hij natuurlijk beter had kunnen laten, want hij verdronk in het Hollands Diep.

Nadat het koninkrijk Holland in 1810 bij Frankrijk was gevoegd, wilde men een snellere verbinding met Parijs. In 1811 werd de postroute verlegd van Kuipersveer naar Puttershoek, waar nu voortaan de Oude Maas werd overgestoken. In datzelfde jaar werd een andere, nog snellere verbindingsweg van noord naar zuid, die van Goidschalxoord naar Numansdorp, opgewaardeerd tot Route Imperiale 3e klasse. Na de Franse tijd werden beide routes verbonden door een nieuwe weg van Puttershoek via Blaaksedijk naar Goidschalxoord.

In de tweede helft van de 19e eeuw werden langs deze routes door de Hoeksche Waard gietijzeren paaltjes geplaatst voor het onderhoud van de weg, zogenaamde mijlpaaltjes. Men noemt ze ook wel foutief Napoleonpaaltjes, misschien omdat ze langs de ‘Napoleontische’ routes staan. Van deze paaltjes is een aantal nog steeds te vinden, onder andere twee bij het museum. Eentje bij de boerderij, Oost Leeuwenstein. En een bij de Hof van Assendelft. Helaas staan deze twee paaltjes niet meer op de oorspronkelijke plek.

Na 1872, toen de spoorbrug over de Moerdijk werd aangelegd, werd de postroute door de Hoeksche Waard van minder belang, omdat de spoorwegen na een aarzelend begin een steeds belangrijkere rol in het postvervoer kregen. De doorgaande route van Rotterdam naar Parijs en terug loopt sindsdien niet meer door onze dreven. Behalve voor de RoPaRun natuurlijk…

Column 23 MuseumHW

Column nr.23 mei 2021 – Museum Hoeksche Waard – Dirk-Jan List

 

 

Themajaar Sint-Elisabethsvloed (1421)

Gedurende de middeleeuwen werd het gebied van de huidige Hoeksche Waard en omgeving regelmatig getroffen door watersnoodrampen. Hiervan is er één heel bekend. Op 19 november 1421 werd de Grote Waard (Zuidwest-Nederland) getroffen door een zware watersnoodramp. Dijken braken door en het water verzwolg hele dorpen. Het resultaat was een ingrijpend veranderd landschap. Omdat 19 november de naamdag is van de heilige Elisabeth ging deze overstroming de geschiedenis in als de Sint-Elisabethsvloed. Dit moment wordt tegenwoordig gezien als het begin van het ontstaan van de Hoeksche Waard. Museum Hoeksche Waard herdenkt deze gebeurtenis met twee tentoonstellingen. In juni hoopt het museum haar deuren weer te mogen openen voor het publiek.

 

Drie Strooomen (23 juli t/m 31 oktober 2021)

CompositieDe eerste wisseltentoonstelling van het herdenkingsjaar betreft een presentatie van moderne kunst, gemaakt door drie beeldend kunstenaars uit de Hoeksche Waard. Dis Groenhoff, Ingrid van den Oord en Gerard Bogaerds laten zich voor deze expositie inspireren door water. Als eiland was het leven in de Hoeksche Waard afhankelijk van het water, dat isoleert en verbindt.

Het getoonde werk bestaat uit zowel oud als nieuw werk. Eén van de oude werken zijn de zandzakjes van Dis die de watersnoodramp van 1953 verbeelden. Het is niet algemeen bekend dat toen ook de Hoeksche Waard zwaar werd getroffen. Dis werkt graag met textiel en ceramiek. Ingrid maakt naast beeldende kunst ook poëzie. In 2016 werd zij verkozen tot dichter van de Hoeksche Waard. Voor de presentatie Water maakt zij een kunstwerk dat beide disciplines verenigt. Het werk van Gerard is eveneens breed georiënteerd. Hij maakt zowel twee- als driedimensionaal werk. Voor dit drieluik is zijn scheepswerk (houten beelden) interessant. Maar het is nog een grote verrassing wat verder zal worden getoond.

 

600 JAAR HOEKSCHE WAARD (12 november 2021 t/m 8 mei 2022)

In de historische tentoonstelling over het ontstaan van de huidige Hoeksche Waard komen verleden, heden en toekomst samen. Deze presentatie gaat in op twee zaken: 1. het typerende landschap met zijn polders, dijken, dijkdorpen en molens en 2. de ontsluiting van het eiland door middel van pontjes, bruggen en tunnels. Eeuwen lang wist de Hoeksche Waard de unieke identiteit met klederdrachten en dialecten te behouden.

Omdat het eiland niet meer is geïsoleerd van het vaste land zijn de traditionele lokale zaken als klederdrachten en dialecten naar de achtergrond verdwenen. Tegenwoordig komen er steeds meer mensen van buiten het eiland om hier te wonen, werken en recreëren.

De Hoeksche Waard heeft ‘unique selling points.’ Dit zijn zaken die speciaal zijn voor het eiland. Op het gebied van de landbouw is de Hoeksche Waard tegenwoordig zeer innovatief. Verschillende ideeën komen samen in het project Foodlab Hoeksche Waard. Dit plan wil de landbouw en voedselsector van het eiland op de kaart zetten. Het geeft de Hoeksche Waard een interessant toekomstperspectief.

Column 22 MuseumHW

MUSEUM HW ZOEKT SCHENKER (M/V) MYSTERIEUS ARCHIEF       DIRK-JAN LIST 2-4-2021

 

Museum Hoeksche Waard staat weliswaar in Heinenoord, maar het is wel het museum voor het hele eiland. Daarom verzamelen en bewaren we ook voorwerpen uit de andere plaatsen in de Hoeksche Waard.

Sinds enige tijd is er iets merkwaardigs gaande in Heinenoord. Met grote regelmaat stopt iemand delen van een oud, bijzonder en handgeschreven archief in de brievenbus van het museum. Dit is jammer, want regen kan de documenten beschadigen. Het zijn multomappen met handgeschreven teksten over panden in Strijen en ’s-Gravendeel. Ook zijn fotokopieën toegevoegd. Al lezende blijken het voornamelijk passages uit notariële akten te zijn. Het is duidelijk een onderzoek naar wie waar woonde. De gegevens bestrijken de achttiende en negentiende eeuw. De multomappen zijn vermoedelijk omstreeks 1980 aangeschaft. 1

Tussen de documenten zit helaas geen bericht van de afzender. Wij willen graag weten wie de schenker (m/v) is. We gaan ervan uit dat het familie van de oorspronkelijke auteur is. Daarom vragen we u als lezer ons te helpen bij het oplossen van dit mysterie. 

Wel zit er een schrijfblok met kalender uit 1998 bij. Dit blok omvat een deel van de handgeschreven tekst van Jaap van den Hoek voor zijn boek De Mookhoek (2009). Zijn dochter heeft beaamd dat haar vader de schrijver is van deze tekst. Maar het handschrift van de notities in de multomappen is duidelijk van een ander. Mogelijk was de schrijver van dit bijzondere archief wel één van de meelezers van het boek De Mookhoek. Maar we weten niet wie. Wie herkent dit verhaal?

Graag kom ik in contact met de geheimzinnige schenker van het archief, zodat we een afspraak kunnen maken voor het in één keer in ontvangst nemen van de hele verzameling. (Dirk-Jan List: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of 06-12236015).

 

Oproep vrijwilligers

Voordat Museum Hoeksche Waard haar deuren weer mag openen voor bezoek willen we graag ons vrijwilligersbestand uitbreiden. Om deze zomer zowel ‘t Hof van Assendelft als de Herenboerderij Oost-Leeuwenstein te kunnen openen hebben we meer baliemedewerkers nodig. De functie van baliemedewerker is een uitstekende manier om weer onder de mensen komen. De huidige baliemedewerkers zijn een gezellige club mensen. De nieuwe vrijwilligers kunnen, als zij dat willen, hun baliewerkzaamheden combineren met andere taken. Balie- en horecawerkzaamheden zijn goed te combineren. Maar een combinatie met het verzorgen van rondleidingen of het optreden als suppoost is ook denkbaar.

Daarnaast zoekt het museum mensen voor werkzaamheden die meer achter de schermen plaatsvinden. Deze taken omvatten onder andere het invoeren van beschrijvingen van de omvangrijke museumcollectie in het digitale registratiesysteem Adlib. Daarnaast kunnen we altijd ondersteuning gebruiken bij zaken als historisch onderzoek voor het museum. Lijkt u dit wel wat? Graag bij mij opgeven per email op Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. .

Column 21 MuseumHW

Suze Groeneweg: hart voor de kleinen.     door Rob van Brakel        5-03-2021

 

In de Oud-Rotterdammer kom ik vaak enthousiaste verhalen tegen van ouderen, die in hun jeugd vanuit Rotterdam een dagje naar het strand mochten. Deze uitstapjes waren een uitkomst voor de kinderen uit de grote gezinnen in de arbeidersbuurten. Gezinnen, die vaak helemaal niet op vakantie gingen. Duizenden kinderen werden per boot of per trein naar het strand gebracht voor een dagje uit. De eerste editie werd in 1912 bedacht en georganiseerd door een Rotterdamse onderwijzeres, Suze Groeneweg.

In een eerder artikel over Suze Groeneweg is al gewezen op de belangrijke rol, die ze heeft gespeeld als eerste vrouwelijk lid van de Tweede Kamer. Maar wat heeft ze nog meer gedaan? Susanna Groeneweg werd in 1875 in Strijensas geboren als derde van vijf kinderen. Velen waren in de tijd nog ongeletterd. Haar moeder had pas op latere leeftijd lezen en schrijven geleerd. Zij zag het belang in van een goede opleiding. Daarom mocht Suze naar de Normaalschool in Numansdorp om onderwijzeres te worden. Ze begon haar loopbaan in Strijensas en kwam tenslotte in Rotterdam terecht. Suze Groeneweg combi

Omdat Suze als onderwijzeres veel misstanden in en buiten de school tegenkwam, werd ze lid van de socialistische partij, de SDAP. Ze kwam in het afdelingsbestuur. Daar organiseerde ze onder andere de hierboven genoemde uitstapjes van het Rotterdams Vakantie-Kinderfeest voor de kinderen uit de arme buurten. Ze was echter een groot tegenstandster van de oprichting van aparte vrouwenclubs in de partij, want dat zou aan vrouwen “alleen maar een stempel van ongelijkwaardigheid geven”.

Suze werd door de kieskring Rotterdam in 1918 in de Tweede Kamer gekozen. In 1919 kwam ze ook in de Rotterdamse gemeenteraad en in de Provinciale Staten. Ze hield zich vooral bezig met het lager onderwijs, de drankbestrijding en de arbeidsrechten van vrouwen. Het recht voor vrouwen op betaalde arbeid stond namelijk zwaar onder druk. Zo werden bijvoorbeeld vrouwelijke ambtenaren na hun huwelijk ontslagen.

Verder streefde Suze naar gelijke regels voor mannen en vrouwen en mede door haar mogen ook vrouwen burgemeester worden. Ook was ze de drijvende kracht achter het invoeren van het zwangerschapsverlof, maar jammer genoeg ging de Kamer alleen akkoord met het voorstel als het om gehuwde vrouwen ging. In 1931 voltrok ze als eerste vrouwelijke ambtenaar van de Burgerlijke Stand in Nederland een huwelijk.

In datzelfde jaar 1931 trok Suze zich vanwege haar slechte gezondheid terug uit de gemeenteraad. In 1937 verliet ze de Tweede Kamer en de Staten. In 1940 overleed ze, 65 jaar oud. Men vergat haar niet, want in Strijensas is er een straat en in Rotterdam een laan naar haar vernoemd.

Als u straks op 17 maart gaat stemmen, is het goed om te weten, dat door mensen als Suze Groeneweg vrouwen tegenwoordig voor vol worden aangezien in organen als de Tweede Kamer en de gemeenteraad. Dat alles dankzij een leergraag meisje uit Strijensas!

Column 20 MuseumHW

Column nr. 20 Museum Hoeksche Waard door Dirk-Jan List        5-02-2021

 

SINT ELISABETHSVLOED (1421)

Op het moment dat ik dit stukje schrijf is het nog niet duidelijk of het Museum Hoeksche Waard op woensdag 10 februari de deuren voor het publiek mag openen. De avondklok is wel een feit en een nieuwe verlenging van de lockdown behoort nog steeds tot de mogelijkheden.

Het is pas het begin van het jaar, maar we zijn reeds begonnen aan de voorbereidingen van de tentoonstelling over de ontwikkeling van de Hoeksche Waard na de Sint Elisabethsvloed op 19 november 1421, de naamdag van Sint Elisabeth. Wist u dat er in die tijd nog twee maal een Sint Elisabethsvloed heeft plaatsgevonden? En wel in 1404 en 1424.

Met de overstroming van 1421 kwam er abrupt een einde aan de Grote Waard en begon de geschiedenis en vorming van de Hoeksche Waard zoals wij hem nu kennen. Door de geleidelijke inpoldering ontstond het typerende landschap van het eiland met dijken, dijkdorpen, kreken en poldermolens. De Hoeksche Waard is niet voor niets uitgeroepen tot een Nationaal Landschap. De Poldersche Molen te Maasdam en De Oostmolen te Mijnsheerenland zijn twee nog bestaande poldermolens, niet te verwarren met de overige korenmolens. Zij herinneren ons aan het verleden.

OmnibusDe Hoeksche Waard wordt omgeven door water. Water isoleert, maar water verbindt ook. De handelsverbinding tussen Parijs en Rotterdam is eeuwen oud. Aan het einde van de achttiende eeuw kwam Sara du Faget van Assendelft uit Den Haag naar Heinenoord om in de zomermaanden in ’t Hof van Assendelft de hofstad te ontvluchten. De verbinding tussen de Hoeksche Waard en het omliggende gebied kwam toen tot stand door verschillende veerpontjes (bootjes).

Sinds het einde van de negentiende eeuw kwamen vaste verbindingen tot stand. De oude Barendrechtse brug (de officiële naam is Brug over de Oude Maas, 1888) is hier een goed voorbeeld van. Vanaf 1897 reed er zelfs een stoomtram van de RTM (N.V Rotterdamsche Tramweg Maatschappij) over deze brug. In 1969 opende minister J.A. Bakker de Heinenoordtunnel (A 29). Inmiddels zijn er verschillende bruggen en tunnels die de Hoeksche Waard verbinden met de omliggende wereld.

Toen de RTM in 1978 het 100-jarig jubileum vierde verscheen er in de krant ‘het Hoekschewaardje’ het artikel RTM haalde Hoeksche Waard uit haar isolement. De foto’s bij het artikel tonen een omnibus omstreeks 1900 voor de verbinding tussen Strijen en de Blaaksche Dijk, de stoomtram in Numansdorp en bussen op het RTM-station Heinenoordtunnel.

Dit jaar is het 600 jaar gelden dat de Sint Elisabethsvloed heeft plaatsgevonden. Deze gebeurtenis willen we herdenken met een historische tentoonstelling. Hierbij staan de thema’s water en verbinding centraal. De museumcollectie omvat topografische kaarten van het eiland en een schilderij dat een impressie geeft van de opening van de Heinenoordtunnel. Maar we zoeken nog steeds naar interessante voorwerpen die de verbinding van het eiland illustreren. Wie heeft er bijvoorbeeld een model van de Barendrechtse brug, een RTM tram (ook wel ‘het moordenaartje genaamd) of een veerpont? Deze en andere voorwerpen kunnen het verhaal van de ontsluiting van het eiland uitstekend illustreren. Modellen van panden die stonden bij de veerdiensten en de tramhuizen zijn ook welkom.

Graag willen we ze voor de duur van de tentoonstelling (planning eind 2021-begin 2022) lenen. Vragen en informatie zijn te richten aan het emailadres Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. .

Column 19 MuseumHW

Column nr. 19  Museum Hoelsche Waard  door Dirk-Jan List        16-1-2021

 

Museum Hoeksche Waard: grootse plannen voor 2021

Bestuur, directie en medewerkers van het museum wensen iedereen een gezond en vooral coronaproof 2021! Op woensdag 20 januari aanstaande hopen we de deuren weer te mogen openen voor het publiek. De tentoonstelling SPEEL-GOED blijft staan tot en met de voorjaarsvakantie in februari. Dus u heeft alle tijd om deze tentoonstelling te komen bezichtigen. In een thematische opstelling schitteren antieke porseleinen poppen, plastic Barbies en Action Mannen, paard en wagens, My Little Pony’s en verschillende bouwdozen van Mobaco, Meccano en LEGO. Natuurlijk mogen we de platte spellen en een antiek keukentje met ontelbare accessoires niet vergeten. Veel kijkplezier voor oud en jong. Bezoekers kunnen zich opgeven via de website van het museum.

DJ 1In januari openen we alleen de herenboerderij Oost-Leeuwenstein, Dorpsstraat 13 te Heinenoord. Omdat door de corona het aantal bezoekers drastisch is afgenomen blijft het Hof van Assendelft gedurende de koude wintermaanden januari en februari gesloten. Dit geldt ook voor het documentatiecentrum. Deze sluiting gebruiken we om het Hof grondig schoon te maken en klaar te maken voor de herinrichting. De komende jaren werken we aan een project waarbij we het monumentale pand zaal voor zaal gaan opfrissen. Met name de textilia moeten worden vervangen. De antieke merklappen en krullenmutsen of keuvels zijn erg tere collectiestukken. Ook gaan we zonwerende gordijnen aanbrengen waar dat nog niet het geval is. Daarnaast willen we in de vaste presentatie meer en andere digitale presentaties verwerken.

Het jaar 2021 staat in het licht van de 600-jarige herdenking van de Sint Elisabethsvloed (1421). Deze ingrijpende gebeurtenis maakte een einde aan de Grote Waard en staat aan het begin van het ontstaan van de huidige Hoeksche Waard. Het thema water staat centraal in meerdere wisseltentoonstellingen. Zowel in die van de lokale moderne kunst als in de historische presentatie over de ontsluiting van het eiland door de eeuwen heen.

Begin 2021 zal ook het nieuwe depot worden opgeleverd. Dit betekent dat we de elders opgeslagen collectiestukken overbrengen naar het nieuwe depot. Dat is nog een hele operatie. Ook is het een spannend moment, want dan gaan veel voorwerpen weer door de handen van de museummedewerkers. Het is belangrijk om te weten wat we in de collectie hebben en wat de staat van de voorwerpen is.

U ziet, corona laat ons niet uit het veld staan. In 2021 is er veel te doen. Het museum mag zich verheugen over een grote groep vrijwilligers. Toch kunnen we altijd nieuwe mensen gebruiken. Als in het voorjaar het Hof weer open gaat kunnen we extra mensen gebruiken voor de baliewerkzaamheden. Ook zoeken we nog mensen voor het schrijven van korte artikelen voor onze nieuwe website. Wilt u ons vrijwilligersbestand versterken, neem dan contact op met mij via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. .

Column 18 MuseumHW

Column nr. 18  Museum Hoelsche Waard  door Dirk-Jan List        4-12-2020

 

Hoeksche Waard, Eiland met een rijk verleden.

 

Als eiland is de Hoeksche Waard omgeven door water. Water isoleert. Het zou een verklaring kunnen zijn voor het ontstaan van lokale klederdrachten en dialecten. Maar water verbindt ook. Pontjes, bruggen en tunnels ontsloten het eiland door de eeuwen heen. We mogen niet vergeten dat de belangrijke handelsroute Parijs-Rotterdam over de Hoeksche Waard liep.

Het eiland heeft een rijke geschiedenis. Veel voorwerpen zitten nog in de bodem verscholen, om door archeologen ontdekt te worden. Maar heel veel bijzondere verhalen over het verleden zijn reeds bekend. Zo bracht het eiland verschillende bekende Nederlanders voort. De langebaanschaatser Kees Verkerk werd onder meer wereldkampioen (twee maal) en olympisch kampioen. Maar het eiland bracht ook sterke vrouwen voort. Suze Groeneweg werd in 1918 gekozen om als eerste vrouw in de Tweede Kamer plaats te nemen. Ambachtsvrouwe Sara Louisa du Faget van Assendelft is minder bekend. Zij liet in 1767 ’t Hof van Assendelft in Heinenoord bouwen. Tijdens de zomermaanden trok deze Haagse dame zich terug in het klassieke buitenhuis. Tegenwoordig maakt ’t Hof onderdeel uit van Museum Hoeksche Waard. Beide vrouwen bleven ongehuwd. Maar het feit dat Sara een dochtertje kreeg moest uiterst geheim blijven.

tafereelbehangIn ’t Hof en de herenboerderij Oost-Leeuwenstein is te zien hoe de eilandbewoners leefden en werkten. Van rijk tot arm. Sara is één van de acht bewoners die hun bijzondere verhaal vertellen. De collectie van het museum omvat meerdere juweeltjes, groot en klein. Het interieur van de winkel van Taselaar is een fraai staaltje van Art Deco meubilair. In de salon in ’t Hof prijkt een interessant gedrukt behangsel (ca. 1830). Het Franse bedrijf Zuber & Cie maakte dit behangsel en bestaat nog steeds. De fraai gegraveerde polderglazen herinneren ons aan de polderbesturen en hun opmerkelijke tafeltradities. De oude keuvels of krullenmutsen en merklappen slijten hun dagen overwegend in het textieldepot. Bij bijzondere gelegenheden worden zij aan het publiek getoond. Momenteel is in de boerderij het verschil te zien in de mutsen voor de rouw en de gewone dracht.

Tot na de feestdagen staat in de herenboerderij de wisseltentoonstelling over antiek en modern speelgoed: SPEEL-GOED. Naast porseleinen poppen en paard en wagens ook Barbies, Big Jim, Action Man, LEGO en Meccano. Tijdens de kerstvakantie gaan we extra open op maandagen en dinsdagen en organiseren we speciale kindermiddagen. De informatie hierover is t.z.t. te vinden op de website van het museum. Als de corona maatregelen het toelaten zal volgend jaar het Hof weer open gaan.

Column 17 MuseumHW

Column nr. 17 Museum Hoelsche Waard  door Dirk-Jan List        6-11-2020

 

VERGETEN GEWASSEN VAN DE HOEKSCHE WAARD

 

Tegenwoordig staat de Hoeksche Waard bekend om zijn innovatieve agrarische sector. Vroeger was landbouw ook heel belangrijk voor de economie van het eiland. In de achttiende en negentiende eeuw stonden de akkers vol met planten met gele of blauwe bloemetjes. Niet zo interessant zou je denken. Maar het betrof meekrap en vlas, twee gewassen die welvaart naar het eiland brachten. Wie kent deze vergeten gewassen nog? Column 17

Boeren teelden meekrap voor de wortels. Zij vormden de basis voor een rode kleurstof. De beste kwaliteit meekrap kwam van wortels die drie jaar oud waren. In de Hoeksche Waard stonden verschillende meekrapstoven of schuren. Hier droogden de arbeiders de wortels en vermaalden zij ze tot poeder. Deze meestoven herinneren ons aan een vergeten nijverheid. De rode kleurstof werd niet op het eiland verhandeld, maar in Rotterdam.

Waren in de zeventiende eeuw rode baaien (wollen stof) onderrokken populair, in de negentiende eeuw kwam de rage van rode onderrokken terug. De uitvinding van kunstmatige kleurstoffen halverwege de negentiende eeuw maakte helaas een einde aan de bloeiende meekrapteelt.

Vlas is de grondstof van linnen. In de herenboerderij Oost-Leeuwenstein is te zien hoe en met welke attributen de boeren de stelen van het vlas bewerkten. Na het repelen, roten, braken, zwingelen en hekelen bleef er een bundel lange vezels over. Deze vezels werden tot linnen draden gesponnen en lappen stof geweven. Naaisters verwerkten de linnen lappen tot lakens (linnengoed) en hemden of onderbroeken (lijfgoed).

In de achttiende en negentiende eeuw droegen rijke mensen onderkleding, vervaardigd uit het beste en fijnste linnen. Wasvrouwen reinigden regelmatig het linnen lijfgoed. Om het linnengoed van verschillende klanten uit elkaar te kunnen houden was het linnengoed voorzien van een rood wasmerk.

In de collectie van het Museum Hoeksche Waard worden verschillende oude linnen hemden bewaard. Zij zijn aan de onderzijde van de halsspit in rood borduurgaren in kruissteek voorzien van de initialen van de drager en een getal. Dit is het wasmerk. Het cijfer verraadt hoeveel hemden onderdeel uit maakten van de uitzet.

Bijvoorbeeld 6. Vrouwen droegen hemden met gerende (schuin uitlopende) zijnaden. Hemden voor mannen hadden juist rechte zijnaden met een split aan de onderzijde.

Column 16 MuseumHW

Column nr. 16 Museum Hoelsche Waard  door Dini Heijden

 

In Museum Hoeksche Waard is weer een nieuwe expositie te zien: SPEEL-GOED, een spel van educatie en emancipatie!

 

Lola Nouwens de sympathieke blokjesbouwer, die met een Maya-tempel in de jungle de eerste prijs won in het populaire tv-programma LEGO Masters 2020, opende de expositie in een inspirerende video.

Speelgoed van toen en nu, gerangschikt naar vijf thema’s: poppen, vervoer, koken, bouwen en spellen. Speelgoed uit de eigen collectie, maar ook van spontane bruikleengevers, die mooie kunstwerken hebben gemaakt van LEGO en Meccano. Diverse bouwwerken van Meccano zijn blikvangers in de expositie.

16SPEEL-GOED, roept herinnering op naar eigen jeugd. Naar je verjaardag en 5 december: twee dagen waarop je speelgoed kreeg. Meisjes meestal een pop, kinderwagentje of een serviesje en jongens een auto, houten treintje of een Meccano bouwdoos, waarop je heel zuinig was. Voor touwtje springen, knikkeren of stoepranden had je nauwelijks iets nodig en met veel fantasie maakte je een vlieger of pijl en boog. Terug naar een tijdperk zonder internet of televisie en op zaterdagavond een spelletje Mens erger je niet! met radiogeluid op de achtergrond en olienoten om te pellen. Vele lezers zullen zich dit nog herinneren.

Onze kinderen en kleinkinderen kiezen nu uit bergen speelgoed. Van poppen als Barbie, Skipper en Ken, de Action Man en Big Jim tot LEGO, Dinky Toys, Matchbox of een elektrische trein.

<quote> Meccano alleen voor jongens en poppen alleen voor meisjes? Die tijd is voorbij!

De expositie laat zien hoe de indeling tussen het speelgoed voor meisjes en jongens door de tijd heen is veranderd. Speelgoed is niet alleen een vorm van educatie, het laat ook zien hoe ver de emancipatie in een bepaalde periode is gevorderd. Ken, het vriendje van Barbie, afgebeeld met een wasmachine en Barbie als astronaut of president.

SPEEL-GOED is voor alle leeftijden. Kom naar het museum - het mooie speelgoed is te zien tot en met 24 januari 2021. Directeur Dirk Jan List geeft vier exclusieve rondleidingen op 7 en 29 november 2020 en 9 en 24 januari 2021.

Natuurlijk houden we ons aan COVID-19; reserveer vooraf uw bezoek via de website of meld u als bezoeker bij de receptie in Oost-Leeuwenstein en houd voldoende afstand.

De openingsvideo en informatie over museumbezoek en de exclusieve rondleidingen zijn te vinden op www.museumhw.nl

 

Column 15 MuseumHW

Column nr. 15 Museum Hoeksche Waard           door Mariska Willeboer

 

Open Monumentendagen

Het tweede weekend van september nadert en dat betekent dat binnenkort duizenden monumenten hun deuren openen voor publiek. De boerderij van Museum Hoeksche Waard is gratis toegankelijk. Op www.museumhw.nl zijn de exacte en laatste gegevens te vinden met betrekking tot de openstelling van het museum op 12 en 13 september. Voor extra activiteiten wordt er nog gewacht op de officiële vergunning van de gemeente Hoeksche Waard.

OL 2015

Gastvrouwen zorgen tijdens de Open Monumentendag in historische kledij voor de ontvangst. Voor de kinderen zijn er oudhollandse spelletjes en er kan geschilderd worden. Uiteraard houdt het museum rekening met het Corona-virus (kijk voor actuele informatie over de maatregelen op de eerder genoemde website van het museum).

Het museum bestaat uit de bijzondere combinatie van de eeuwenoude buitenplaats ’t Hof van Assendelft en boerderij Oost-Leeuwenstein, twee monumentale gebouwen met ieder hun eigen charme.

Boerderij Oost-Leeuwenstein stamt uit de 17e eeuw en is gebouwd op de plaats van een voorganger. Eind 18e eeuw werd het achterhuis afgebroken en kwam er een modernere schuur voor in de plaats. De schuur werd langs de boerderij geplaatst, waardoor de oogst doelmatiger gelost en geborgen kon worden. Op het erf van de hoeve werd een vrijstaand zomerhuis met karnschuur gebouwd. De activiteiten vinden plaats op het erf van de boerderij.

De boerderij werd geruime tijd bewoond door nazaten uit het geslacht Leeuwenburgh. Meerdere generaties voerden er een gemengd landbouwbedrijf. In de 18e eeuw waren twee leden van de familie Leeuwenburgh beurtelings rentmeester van de laatste Ambachtsvrouwe van Heinenoord, Sara Louisa du Faget van Assendelft.

De familie van Assendelft bezat al ruim drie eeuwen de Heerlijkheid Heinenoord. Sara du Faget liet in 1767 de buitenplaats herbouwen en deze kreeg de naam ’t Hof van Assendelft. De dagelijkse gang van zaken rondom ’t Hof liet Vrouwe Sara over aan haar rentmeester. Na haar overlijden werden ’t Hof en de heerlijke rechten in 1807 verkocht bij openbare verkoping aan Hendrik baron Collot d’Escury. In de loop der jaren volgden meerdere eigenaren elkaar op.

Vanaf 1968 toont het museum het culturele erfgoed van de Hoeksche Waard. Buiten de prachtige vertrekken met diverse functies, de bijbehorende meubelen, panoramabehang en interessante verhalen komt de ontstaansgeschiedenis van de Hoeksche Waard aan bod in ’t Hof. ’t Hof is uitsluitend te bezoeken tijdens speciale lezingen (opgave aan de balie van de boerderij op de desbetreffende dagen).

De vaste expositie ‘Van Heer tot Errebaaier’ bevindt zich in de boerderij en geeft een beeld van hoe men vroeger leefde en werkte in de Hoeksche Waard. Ook tijdelijke exposities zijn te zien in dit deel van het museum. Het is de laatste kans om op 12 en 13 september de exposities ‘De draad kwijt’ en ‘75 jaar vrijheid’ te bezoeken. Het museum hoopt u binnenkort te verwelkomen!